Ronde bullion steek borduren: zo maak je perfecte knopen stap voor stap
Een ronde bullion steek borduren doe je door je draad meerdere keren om de naald te wikkelen, zodat er een klein opgerold worstje van draad ontstaat. Trek je dat worstje extra strak aan en buig je het licht, dan rolt het vanzelf op tot een mooie, volle cirkel. Dat is de basis van de ronde bullion knoop, ook wel bullion knot of bullion rose genoemd.
Dit is een van de meest indrukwekkende steken in het borduren, maar hij vraagt oefening. De techniek zelf is niet moeilijk te leren, maar het vraagt precisie bij het wikkelen en optrekken. Hieronder vind je een duidelijk stappenplan en alle praktische tips die je nodig hebt.
Wat is een ronde bullion steek?
Een gewone bullion knoop vormt een langwerpig, rechtlijnig worstje van gewikkelde draad. Bij een ronde bullion steek wikkel je meer omheen dan bij een gewone bullion, zodat het resultaat niet plat blijft maar opkrult tot een cirkelvorm. Meerdere ronde bullions naast elkaar geven het bekende effect van een driedimensionale roos. Dat maakt deze steek populair in stijlen als South African Stumpwork, Braziliaans borduren en klassiek Victoriaans bloemenborduren.
Wat heb je nodig?
- Naald: gebruik een milliners naald (ook wel straw needle). Deze heeft een gelijkmatige dikte over de hele lengte, zodat de wikkelingen makkelijk afglijden. Een gewone borduurnaald heeft een dikkere kop en werkt niet goed voor bullion steken.
- Draad: borduurgaren (stranded cotton), pearlgaren of zijde werken allemaal. Begin als beginner met pearlgaren (perlé) omdat dit minder snel verstrikt raakt.
- Stof: een strakgespannen stof in een borduurring werkt het beste. Fluweel of rekbare stoffen zijn voor beginners lastiger.
- Borduurring: houd je stof strak. Losse stof geeft kromme bullions.
Ronde bullion steek borduren: stap voor stap
Hieronder staat het volledige stappenplan voor één ronde bullion knoop. Oefen eerst met een simpele rechte bullion voordat je overgaat naar de ronde variant.
- Breng je draad omhoog op punt A (het begin van de steek).
- Steek de naald in op punt B, vlak naast punt A (voor een ronde bullion: 1 tot 3 mm verderop). Hoe dichter A en B bij elkaar liggen, hoe sterker de knoop later oprolt.
- Breng de naaldpunt terug omhoog op punt A, maar trek de naald nog niet helemaal door.
- Wikkel de draad om het zichtbare deel van de naald. Tel je wikkelingen: voor een ronde bullion heb je aanzienlijk meer wikkelingen nodig dan de afstand tussen A en B eigenlijk vraagt. Als A en B 2 mm uit elkaar liggen, gebruik dan toch 10 tot 15 wikkelingen. Die overmaat zorgt voor de krul.
- Houd de wikkelingen vast met je duim en wijsvinger van de andere hand en trek de naald voorzichtig, maar gelijkmatig door de wikkelingen.
- Trek de draad aan in de richting van punt B. Je ziet nu hoe de wikkelingen beginnen op te rollen. Duw ze met je duimnagelzacht terug richting A zodat ze compact liggen.
- Steek de naald in op punt B om de steek vast te zetten en trek de draad strak aan de achterkant.
Het resultaat is een kleine, gevulde cirkel van draad. Is de cirkel nog niet rond genoeg, voeg dan bij de volgende poging meer wikkelingen toe.
Veelgemaakte fouten en hoe je ze voorkomt
De wikkelingen lopen in de war tijdens het doortrekken: dit gebeurt als je de naald te snel of schuin trekt. Trek altijd langzaam en loodrecht omhoog, terwijl je de wikkelingen stevig vasthoudt met je andere hand.
De bullion blijft slap of ligtvlak: je hebt te weinig wikkelingen gebruikt. Voeg er meer toe. Voor een duidelijk ronde vorm is het aantal wikkelingen altijd méér dan je op het eerste gezicht nodig denkt.
De draad knikt of raakt in de knoop: dit komt door te veel spanning of een ongeschikte naald. Controleer of je een milliners naald gebruikt en werk met licht gespannen draad.
Ronde bullions tot een roosje samenvoegen
Eén ronde bullion is al mooi, maar de echte magie zit in het combineren. Maak eerst een kleine ronde bullion in het midden, dat wordt de hartknop van de roos. Werk daarna in lagen naar buiten toe met iets grotere bullions die je om de kern legt. Gebruik voor de buitenste laag iets lichtere of donkerdere tinten van dezelfde kleur voor een natuurlijk effect. Met vijf tot acht ronde bullions per laag en twee tot drie lagen heb je al een volle bloem.
Je kunt de bullions strak naast elkaar plaatsen voor een gesloten roos, of iets losser voor een open bloemvorm. Voeg met een simpele kettingsteek of lazy daisy bladeren toe voor een compleet motief.
Met wat oefening merk je snel dat de ronde bullion steek minder lastig is dan hij lijkt. De sleutel is de juiste naald, genoeg wikkelingen en een rustige trekbeweging. Begin klein, oefen op losstaande knopen en werk daarna pas naar complete motieven toe.
Breien voor beginners: zo leer je het stap voor stap
Borduren voor beginners: zo begin je stap voor stap
Borduren voor kinderen: zo begin je op de juiste manier