Ajour breien: zo maak je open, kantachtige patronen stap voor stap
Ajour breien is een techniek waarbij je bewust gaatjes in je breiwerk maakt door slagen toe te voegen en te minderen. Het resultaat is een open, kantachtig patroon dat ook wel openwork of kantbreien wordt genoemd. De gaatjes ontstaan niet per ongeluk, maar zijn een bewust onderdeel van het patroon. Juist dat maakt ajour breien uniek: je gebruikt de “fouten” als decoratie.
Deze techniek wordt gebruikt voor sjaals, vesten, omslagdoeken en babykleding, maar ook als detail in een mouw of yoke. Je hoeft niet lang te breien om het te leren. Met twee basisbewegingen kom je al een heel eind.
Hoe ajour breien werkt: de twee basissteken
Bij ajour breien draait alles om een combinatie van twee bewegingen: een omslag maken en een steek afnemen. Die twee bewerkingen hef je altijd op, zodat het aantal steken gelijk blijft.
- Omslag (o): je legt de draad eenmaal over de naald zonder een steek te breien. Dit maakt een extra steek aan, maar ook een gaatje in het werk.
- Samen breien (2 st. sam.): je breit twee steken tegelijk als één. Dit vermindert het stekenantal met één, zodat het totaal gelijk blijft aan het begin van de toer.
In een patroon zie je dit terug als “o, 2 s.s.” (omslag, twee steken samen). Soms staat er ook “1 steek lichten en samen breien” voor een iets andere vorm van afnemen, wat de richting van de schuine lijn in het gaatje beïnvloedt. Links afnemen en rechts afnemen geven een andere uitstraling, wat bij symmetrische patronen van belang is.
Wat heb je nodig om te beginnen?
Ajour breien stelt geen bijzondere eisen aan materiaal, maar sommige keuzes maken het een stuk makkelijker, zeker als je begint.
- Garen: kies voor een glad, licht garen. Katoen of een gladde wol in een lichte kleur is ideaal. In donker garen zie je de gaatjes slecht, wat het tellen moeilijker maakt.
- Naalden: gebruik naalden die iets groter zijn dan de aanbevolen maat op het garenlabel. Dit maakt het weefsel losser en de gaatjes zichtbaarder.
- Patroon: begin met een eenvoudig patroon met één gaatjesrij, zoals een sjaal met een herhalend blokje van vier steken. Complexe kanttekeningen met meerdere omslagen per steek zijn iets voor later.
Ajour breien stap voor stap: een eenvoudig voorbeeld
Hieronder een basispatroon dat je meteen kunt toepassen. Sla 20 steken aan (of een veelvoud van 4).
- Toer 1 (voorkant): brei alle steken recht.
- Toer 2 (achterkant): brei alle steken averecht.
- Toer 3 (ajour-toer): herhaal het volgende blokje: brei 2 steken recht, maak een omslag, brei de volgende 2 steken samen rechts. Herhaal dit tot het einde van de toer.
- Toer 4: brei alle steken averecht.
Herhaal toer 1 tot en met 4 zo vaak als je wilt. Na het afbreien zie je een regelmatig patroon van kleine gaatjes. Dit is een van de meest gebruikte basispatronen bij ajour breien. Tel elke toer na de ajour-rij: je moet nog steeds 20 steken hebben.
Veelgemaakte fouten bij ajour breien
Het grootste struikelblok is vergeten te tellen. Een omslag die je over het hoofd ziet of een samentreksteek die je mist, schuift je hele patroon uit het lood. Leg je werk na elke ajour-toer plat neer en tel de steken voordat je verder gaat. Dat kost tien seconden en bespaart je een kwartier uitrafelen.
Een andere valkuil is te strak breien. Als je spanning te hoog is, worden de gaatjes nauwelijks zichtbaar en ziet het werk er dicht uit. Probeer bewust losser te breien op de ajour-toer, of gebruik een grotere naaldmaat voor alleen die toer.
Tot slot: de omslag ligt na het maken los op de naald. Sommige breisters breien hem per ongeluk verdraaid op in de volgende toer, waardoor het gaatje dichtgedraaid wordt. Let erop dat je de omslag op dezelfde manier opneemt als je andere steken.
Van basispatroon naar complexer ajour
Als je de basisbeweging beheerst, kun je de gaatjes gaan verplaatsen, stapelen of combineren met kabels. Bekende ajour-patronen zijn de veersteek, het bladerpatroon en de ananassteek. Daarin worden meerdere omslagen per blokje gecombineerd, soms met drie steken tegelijk afnemen.
Sommige patronen werken beter in de ronde (op circulaire naalden), omdat je dan altijd aan de voorkant werkt en het patroon makkelijker te volgen is. Bij plat breien wissel je elke toer van kant en moet je het patroon voor de achterkant apart noteren of onthouden.
Wil je echt kantachtige resultaten die lijken op klassiek kloskant, kijk dan naar lace-breien. Dat is een zwaardere variant van ajour breien, waarbij ook op de achterkant patroontoeren staan. Dat vergt meer concentratie, maar het resultaat is indrukwekkend.
Ajour breien leer je het snelst door gewoon te oefenen met een klein lapje. Sla 20 steken aan, probeer het basisblokje hierboven, en herhaal het tot je de beweging voelt. Daarna kun je elk patroon met omslagen en samentreksteken lezen en begrijpen, en hoef je niet meer blindelings een patroon te volgen.
Breien voor beginners: zo leer je het stap voor stap
Borduren voor beginners: zo begin je stap voor stap
Borduren voor kinderen: zo begin je op de juiste manier