Afkanten bij het breien: zo zet je steken op de juiste manier af

Afkanten bij het breien betekent dat je de laatste rij steken op een gecontroleerde manier van je breinaald haalt, zodat je breiwerk een nette, vaste afwerking krijgt die niet uitraffelt. Dit doe je aan het einde van je project, of wanneer je een stuk wil afwerken zoals een halsopening of een armsgat. De techniek is simpel: je breibt twee steken, tilt dan de eerste steek over de tweede heen en laat hem van de naald vallen. Dat herhaal je tot er geen steken meer over zijn.

Hoe afkanten bij het breien werkt, stap voor stap

Zorg dat je breiwerk klaar is voor de laatste rij. Breien op de gewone manier verder gaat hier niet meer. In plaats daarvan gebruik je de volgende stappen:

  • Brei de eerste twee steken normaal (recht of averecht, afhankelijk van je patroon).
  • Steek de linkernaald van links naar rechts door de eerste steek op de rechternaald.
  • Til die eerste steek over de tweede steek heen en laat hem van de naald vallen. Je hebt nu nog één steek op de rechternaald.
  • Brei de volgende steek van de linkernaald op de rechternaald.
  • Til opnieuw de achterste steek over de voorste heen.
  • Herhaal dit totdat er één steek over is.
  • Knip het garen af, laat een staartje van ongeveer 15 centimeter over, en haal dit door de laatste steek. Trek aan om te sluiten.

Het staartje werk je daarna weg met een borduurnaald of haaknaald door het aan de binnenkant van je breiwerk mee te weven.

Recht of averecht afkanten

Je kunt afkanten in recht breien of in averecht breien. Bij ribbelpatronen (waarbij je afwisselt tussen recht en averecht) kies je voor de nettere afwerking door steeds af te kanten in het patroon. Dat wil zeggen: brei een rechte steek recht en een averechte steek averecht voordat je hem over de volgende heen tilt. Dit geeft een elastischer en mooier resultaat aan de rand, wat bij cuffs en halsbanden duidelijk zichtbaar is.

Brei je een lapje in tricotsteek of ribbelpatroon, dan volstaat gewoon recht afkanten. Bij een breiseldoek of washandje hoef je je hier niet druk over te maken.

Veelgemaakte fouten bij het afkanten

De meest gemaakte fout is te strak afkanten. Als je te hard trekt, krimpt de rand samen en past een trui niet meer over je hoofd of zijn manchetten te smal. Breit je normaal gesproken met een bepaalde spanning, probeer dan bij het afkanten losser te werken. Je kunt ook een maatje grotere naald pakken voor alleen de afkantrij. Dat geeft de rand meer ruimte en soepelheid.

Een andere valkuil is te vroeg knippen. Laat altijd een draadstaartje van minstens 10 tot 15 centimeter over, zodat je hem goed kunt inwerken zonder dat de rand loslaat.

Wanneer afkanten je werk niet afrondt

Soms wil je niet helemaal afkanten, maar steken tijdelijk vastzetten. Dat is het geval bij een schoudernaad of een halsopening die later aan elkaar genaaid wordt. Dan gebruik je een stitch holder of een reservedraad in plaats van echt afkanten. Zo blijven de steken levend en kun je ze later oppakken of aan elkaar breien.

Afkanten breien is een vaardigheid die je in een paar minuten leert, maar die veel verschil maakt in het eindresultaat. Met een losse hand en het juiste patroon (recht of ribbel) sluit je elk breiproject netjes af. Oefen het eerst op een klein proeflapje als je net begint, zodat je de spanning goed onder controle krijgt voordat je het op een afgewerkt project toepast.