Spencer breien op 2 naalden: zo doe je het stap voor stap

Een spencer breien op 2 naalden is goed te doen, ook als je nog niet zo lang breit. In plaats van in de rondte te werken, brei je de voor- en achterkant apart als platte stukken en naai je die daarna aan elkaar. Dit geeft je meer controle over het patroon en minder gedoe met een rondbreinaald of magic loop.

De meeste spencers op 2 naalden worden gebreid in tricotsteek of een eenvoudig ribbelpatroon. Je begint met de achterkant, daarna de voorkant, en tot slot de mouwen. Alles naai je op het einde samen met een matnaaldje of je gebruikt een kettingsteek.

Wat heb je nodig voor een spencer op 2 naalden?

Voor een gemiddelde spencer heb je het volgende nodig:

  • Naalden in de juiste maat voor je garen (staat in het patroon, meestal maat 3,5 tot 5 mm)
  • Breigaren, bij voorkeur een soepel garen zoals katoen of een zachte wol
  • Een matnaaldje om de stukken samen te naaien
  • Een centimeter en steekmarkeerders
  • Een patroon met de juiste maat

Kies je garen op basis van het seizoen. Voor een zomerspencer is katoen of bamboe fijn; voor een tussenseizoen werkt een lichte merinowol prettig. Let altijd op het steekmonster dat in het patroon staat. Brei eerst een proeflapje van 10 bij 10 cm en vergelijk het met het opgegeven aantal steken per 10 cm. Zo voorkom je dat je spencer te groot of te klein uitvalt.

Spencer breien op 2 naalden: de basisstappen

Hieronder staan de stappen die bij de meeste patronen voor een spencer op rechte naalden terugkomen.

  • Stap 1: Achterkant. Zet het opgegeven aantal steken op en brei de achterkant van onderen naar boven. Begin vaak met een ribbelrand van enkele centimeters, daarna verder in tricotsteek. Verminder steken voor de armsgaten en de halsopening zoals het patroon aangeeft.
  • Stap 2: Voorkant. De voorkant is vergelijkbaar, maar de halsopening verschilt. Bij een diepe V-hals splits je het werk vroeger; bij een ronde hals werk je met afkanten in het midden. Brei de linker- en rechterscouder apart af.
  • Stap 3: Mouwen (als het patroon die heeft). Zet de steken op bij de manchet en meerder regelmatig aan beide kanten om de mouwtrechter te vormen. Hoe vaak je meerder hangt af van de gewenste mouwlengte.
  • Stap 4: Samenvoegen. Naai de schoudernaden dicht, dan de zijnaden en ten slotte de mouwen in de armsgaten. Gebruik een matnaaldje en werk van binnenuit voor een nette naad.
  • Stap 5: Afwerking. Brei of haak eventueel een rand langs de halsopening. Druk het werk licht op maat met een vochtige doek (niet strijken, maar stippen) en laat het plat drogen.

Veelgemaakte fouten bij het breien op rechte naalden

Het grootste probleem bij breien op 2 naalden is dat veel breisters aan het begin van een naald onbewust strakker of losser breien. Hierdoor kunnen er verticale strepen in het werk ontstaan. Dat los je op door bewust gelijkmatig te breien en het werk niet te hard aan te trekken bij het omdraaien.

Een andere valkuil is het verkeerd meerderen of minderen. Lees het patroon van tevoren goed door en markeer elke keer wanneer je een steek meer of minder moet breien. Steekmarkeerders helpen enorm om de overzicht te houden, zeker bij een ingewikkelder armsgat.

Vergeet ook niet de naden. Slordig samengenaaien is snel zichtbaar bij een spencer omdat de pasvorm strak zit. Gebruik een matnaaldje en een techniek zoals de onzichtbare matnaalsteek, dan liggen de naden vlak en zijn ze van buitenaf nauwelijks te zien.

Handige tips voor een mooier resultaat

Brei altijd een randstek aan beide kanten van je werk. Dat is de eerste en laatste steek van elke naald die je gewoon opneemt zonder te breien. Die kantsteek maakt het later samennaaiwerk een stuk makkelijker.

Schrijf tijdens het breien bij hoeveel naalden je hebt gebreid. Zo brei je de voor- en achterkant precies even lang, zonder te moeten meten en twijfelen. Bij mouwen doe je hetzelfde: noteer na hoeveel naalden je hebt gemeerdered, en herhaal dat exact voor de tweede mouw.

Heb je een patroon dat aangeeft “brei tot het armsgat 20 cm meet”? Meet dan altijd plat op een tafel, niet hangend aan de naald. Garen rekt mee met het gewicht van het werk en geeft dan een vertekend beeld.

Spencer breien op 2 naalden is een prettige manier om overzicht te houden over je werk. Je ziet precies wat je breit, kunt makkelijk fouten terugvinden en de techniek sluit goed aan bij patronen die je stap voor stap begeleiden. Met een goed patroon, het juiste garen en een proeflapje kom je al een heel eind.